11e etappe Mammoet Rallysport Team, 'We geven nooit op'!

vrijdag, 17 januari 2014

11e etappe Mammoet Rallysport Team, 'We geven nooit op'!

Urenlang leek het er sterk op dat de Dakar voor Martin van den Brink voorbij was. Met een kapotte versnellingsbak stond hij midden in de woestijn. Zelfs zijn team zag het somber in. Een uiterste poging om de Mammoet-truck weer aan het rijden te krijgen slaagde. Van den Brink bereikte iets na twee uur ’s nachts (6.00 uur Nederlandse tijd) het bivak in El Salvador.

Martin van den Brink vertelt: “In de proef had ik ineens geen versnelling meer. Daar hebben we al eerder last van gehad: Pascal de Baar is daar op uitgevallen. Maar ik heb een nieuwe versnellingsbak, dus daar kon het niet aan liggen. Maar we stonden wel stil.”

“We hadden net de bak losgekoppeld om te kijken toen Jack Brouwers langs kwam. We hebben even overlegd, maar het leek een verloren zaak en slepen was geen optie. Daarvoor was het veel te ver nog. Jack is doorgereden en wij hebben het team gebeld dat ze allebei de 6x6’en moesten laten komen om te proberen te repareren en anders te bergen. Die jongens lopen al de hele week te piepen dat ze niks te doen hebben; dit was een mooie klus.”

Rond half een (16.30 NL) vertrokken de twee servicetrucks naar Van den Brink. Terwijl die op de monteurs stond te wachten, werd duidelijk dat ook Jack Brouwers stil stond, hooguit 6 kilometer verderop met hetzelfde probleem.

Van den Brink: “Zodra de twee trucks bij mij waren, zijn de monteurs aan het werk gegaan om de bak te wisselen. Ze hadden er een hard hoofd in en riepen dat het niet kon. Dat ding weegt 300 kilo, we hadden geen takeltje, niks. Maar het moest, desnoods met de hand. Als we het niet zouden proberen, zou ik er zeker uit liggen. Als het zou lukken, zou ik hoe dan ook gaan rijden, voor mijn part ’s nachts. Laat één ding duidelijk zijn: wij zijn Mammoet Rallysport en wij geven nooit op. Dat zou een slechte zaak zijn.”

Terwijl alle mankracht werd ingezet op de Mammoet-truck, reed Van den Brink zelf met een 6x6 naar Brouwers. “Ik heb gevraagd of hij een sleepje wilde. Dat wilde hij wel. Dus ik heb Jack naar de plaats gesleept waar wij stonden. Is toch wat makkelijker werken als ze naast elkaar staan.”

Al gauw bleek dat het probleem niet in de versnellingsbakken zelf zat, maar in de koppelingsplaten. Zowel bij Brouwers als Van den Brink waren de klinknagels rond het hart van de platen finaal afgebroken. “We hebben verkeerde koppelingsplaten geleverd gekregen”, zegt Van den Brink. “Dat kun je gewoonlijk niet zien, maar er horen twaalf klinknagels om en om in te zitten. In dit type zaten er negen. Allemaal afgebroken. Bij Jack hetzelfde. Het is goed dat we het nu weten, maar ik was er liever niet vandaag op de proef achter gekomen.”

Om vier uur ’s middags (20.00 uur NL) kwam het bericht van teammanager Peter Verburgh dat de truck weer rijklaar was. Het wachten was alleen op toestemming van de wedstrijdleiding om de race te hervatten. Die kwam tegen vijf uur.

Van den Brink: “Het was zo’n slechte piste. Helemaal verrot gereden. Een uur voor we de duinen in moesten was het al donker. Maar in mijn eerste Dakar, in 2009, heb ik alles in het donker gereden en dat ging ook. Het was af en toe wel spannend, maar we zijn niet uit de auto geweest en in één toer overal doorheen gereden.”

In het klassement zijn de verschillen inmiddels zo groot dat Van den Brink slechts vier plaatsen inleverde: van 10 naar 14. In de twaalfde etappe mag hij vanwege zijn eerdere klassering als achtste starten, om half elf (14.30 NL). “Het klassement kan me niet meer zoveel schelen. Ik wil alleen nog maar de finish halen en die medaille ophalen. Als dat lukt, is deze etappe sowieso met stip de mooiste etappe die ik ooit heb gereden. Omdat we niet hebben opgegeven.”